maandag 2 februari 2026

Enno de Witt – De grens – Langs de randen van Nederland (boekbespreking door Björn Roose)

Enno de Witt – De grens – Langs de randen van Nederland (boekbespreking door Björn Roose)
“Enno de Witt (1960) groeide op in Noordwijk aan Zee, op de grens van land en water, tussen een verzameling oude atlassen en reisboeken. Hij stak in zijn geboortejaar voor het eerst de grens over, bij Spijk, aan boord van de Rijnkruiser Medusa. Daarna volgden nog vele grenspassages. De grens komt voort uit zijn fascinatie voor Nederland en de Nederlanders.” Dat lees ik op de webstek van Singel Uitgeverijen, onderdeel Athenaeum. Op dat “onderdeel” ga ik hier even niet in, want het verhaal over Nijgh & Van Ditmar, Querido, De Arbeiderspers, De Geus, Volt, Love Books, Querido Academie én Athenaeum en hoe die allemaal onder één uitgeversdak terechtgekomen zijn (dat zich dan afficheert als “een onafhankelijk en zelfstandig uitgeefhuis”) zou ons te ver leiden (al zou ik u eigenlijk wel eens zo ver willen leiden), maar het tekstje zou een inleiding kunnen vormen tot voorliggend, in 2013 bij de toen nog niet onder het “onafhankelijk en zelfstandig uitgeefhuis” maar toch ook al onder een soortgelijke constructie genaamd Athenaeum-Polak & Van Gennep uitgegeven, De grens – Langs de randen van Nederland (wat op zich dan weer een gemiste kans is om een rijmende titel te maken). “Zou”, inderdaad, want het tekstje is een inleiding tot een later boek van De Witt, zijnde Ruzie – Van een lijk naast de kachel tot rijdende rechters, verschenen in 2018.

Van eerdere of latere boeken van De Witt is geen sprake op de webstek van het “onafhankelijk en zelfstandig uitgeefhuis”, terwijl ik op de webstek van De Slegte toch zie dat die er geweest zijn (weliswaar bij telkens wisselende uitgeverijen). Omdat ik geen zin heb om vraaggesprekken mét en columns ván de man te doorploegen, laat ik het zoeken naar verdere biografische gegevens maar voor wat het is en duiken we meteen dit boek in, een boek dat sowieso alleen zijn titel nodig had om interessant genoeg voor me te zijn om het (voor een appel en een ei) mee te nemen uit de tweedehandswinkel. Ik ben immers geboren in Roeselare, op zo’n vijfentwintig kilometer van de grens met Frankrijk, getogen in Handzame, op zo’n tweeëntwintig kilometer van de kust, en sinds vijftien jaar woonachtig in Moerzeke, ongeveer evenveel kilometer van de grens met Nederland. Om nog maar te zwijgen over het feit dat ik in Gent, op nog geen achttien kilometer van diezelfde grens, werk. Het is dan ook helemaal niet moeilijk om in den belgiek op korte afstand van de grens te wonen of te werken (tijdens mijn jaren in Brussel woonde en werkte ik er het verste van af), net zomin als in Nederland, maar ik steek die dingen ook graag letterlijk over als ik op reis ga (wat ik bijna altijd met de auto doe) en ga ze ook vaak opzoeken terwijl ik op reis ben. De streek waar Polen, Tsjechië en Duitsland bij mekaar komen, bijvoorbeeld; de grenzen tussen Hongarije, Slovakije, Slovenië, Oostenrijk, Kroatië, Servië, Roemenië, en Oekraïne; of die tussen Frankrijk, Italië en Zwitserland. Ik ben, kort samengevat, geen figuur van het centrum, maar een grensganger (misschien zelfs een grensgeval) en dat uit zich niet alleen in mijn reis-, maar ook mijn leesgedrag.

Jammer genoeg is dit boek op de grenzen ervan het best. In De grens – een introductie dus, en in Overige grensgevallen, de hoofdstukken helemaal aan het begin en einde. Gedurende zestien bladzijden en twaalf bladzijden doet de auteur daar een doorlopend verhaal uit de doeken (over de oorsprong van de Nederlanders en de grenzen van het continentale deel van het Koninkrijk der Nederlanden enerzijds en over de Europese Unie en het niet-continentale deel van datzelfde Koninkrijk anderzijds). Doorlopend in de zin dat er een lijn in zit. En geen stippellijn, zoals je die bij grensaanduidingen op kaarten wel vaker ziet. Ik verklaar me nader: tussen die twee hoofdstukken zitten er nog eens zes, zijnde Van Lobith naar Vaals, Van Drielandenpunt naar Grenswachters, Van de Schelde naar de Rijn, Van Noordwijk naar Borkum, Van Eemshaven naar Denekamp, en Van kanaal naar kanaal, maar alles wat onder die hoofdstukken valt, hangt niet aan mekaar. Van een stukje in verband met heksen in de ene grensgemeente springt De Witt naar een stukje in verband met smokkelaars in de andere, van een stukje over de Tweede Wereldoorlog in een of ander gehucht naar een stukje over gesjoemel in de politiek in weer een ander. Hij volgt daarbij wel de stukken grens die hij onder de hoofdstuktitels heeft verzameld, maar je ervaart dat volgen nooit als een verhaal. En dat was klaarblijkelijk ook niet wat de auteur nastreefde: “De geschiedenis van de grens is ook nog lang niet geschreven, en dat zal hier ook niet uitputtend gebeuren. Tal van liefhebbers houden zich met de grens bezig, ze wandelen van grenspaal naar grenspaal en noteren ieder grensgerelateerd detail dat zij onderweg tegenkomen, tekenen verhalen op en pluizen archieven uit. Iedere centimeter grens levert weer een nieuw verhaal op, dat weer een volgend verhaal voortbrengt, in een reeks waar geen einde aan lijkt te komen. Wie zich in die schat wil onderdompelen kan op het internet terecht, en in talloze publicaties. In dit boek zijn alleen de krenten uit de pap verzameld, een caleidoscopische verzameling verhalen en wetenswaardigheden waarachter nog veel meer schuilgaat.” En ik ga niet zeggen dat er geen interessante krenten bij zijn – al gaan de verhalen over smokkel en andere grenscriminaliteit, en daar zijn er veel van, op den duur toch wel lichtelijk vervelen -, maar ‘t is een beetje teren op andermans werk wat De Witt hier doet. In zoverre zelfs dat je de indruk krijgt dat hij voornamelijk bezig geweest is met het internet afstruinen op zoek naar andermans verhalen.

Iets wat we nooit zeker zullen weten, want de auteur is in negenennegentig procent van de gevallen niet zo goed te vermelden waar hij zijn citaten vandaan heeft. Hij citeert wel, da’s tekstueel duidelijk, maar aan bronvermelding doet hij niet. Noch in de teksten zelf, noch in voetnoten, noch in eindnoten. Als de auteur een tekst aanhaalt, dan hoor je ‘m op zijn woord te geloven, klaarblijkelijk. Wat een keuze is, zowel vanwege de auteur als vanwege de lezer, maar niet erg eerlijk tegenover de leveranciers van zijn bronnenmateriaal. Ik zou daar, als ik zelf zo’n leverancier was en er achter kwam dat mijn teksten door De Witt gebruikt waren zonder bronvermelding, niet al te blij mee zijn, maar misschien zijn ze aan de andere kant van de kunstmatige grens tussen de Zuidelijke - en de Noordelijke Nederlanden toleranter dan ik op dat vlak.

Wat me tot een ander – tevens het laatste dat ik zal noemen – pijnpunt van dit boek brengt: je moet er Google Maps of een papieren kaartenboek bijnemen om te kunnen volgen. Nú kan ik Lobith wel zo ongeveer aanwijzen op een kaart, maar dat was niet het geval op het moment dat De Witt in die plaats zijn boek begon. En dat was evenmin zo voor de meeste plaatsen waarover hij het verder nog heeft. Ja, daar in die bizarre uitstulping naar beneden toe vanaf Roermond tot Vaals en Eijsden ken ik mijn weg wel zo’n beetje, en vanaf Het Zwin tot voorbij het Verdronken Land van Saeftinghe ook. En Zeeland, de Wadden en de kust van Friesland lukt ook nog wel, maar dan houdt het met uitzondering van Venlo wel zo’n beetje op wat betreft mijn oriëntatievermogen aan de Nederlandse grens. Aan het begin van ieder hoofdstuk een kaartje met de al dan niet werkelijk bezochte “krenten” en aan het begin van het boek een kaartje met alle exemplaren toevoegen zou minstens voor de mensen die op basis van dit boek eens een stukje grens willen verkennen wel nuttig geweest zijn. Nu ben je echter, als je dit boek daarbij zou gebruiken, wegens het ontbreken van zo’n kaartje én een register gedwongen te gaan zoeken waar in het hoofdstuk De Witt het heeft over het grensgebied waar je heengaat.

Ik heb enige tijd getwijfeld of ik het boek in het vooruitzicht op zo’n eventueel bezoek toch zou bijhouden, maar ik ben de Rubicon overgestoken: het verhuist naar de zolder en ik zoek mijn informatie desnoods wel op op het internet.

Björn Roose

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Ook iets te vertellen ? Ga je gang !